Posts tonen met het label typisch Nederlands. Alle posts tonen
Posts tonen met het label typisch Nederlands. Alle posts tonen

woensdag 24 februari 2010

schaatsen - van 1891 tot 2010

man oh man, ik kon wel janken toen ik de filmpjes van de 10 km van Sven en Gerard zag - ik word emotioneel bij grote, belangrijke schaatswedstrijden, wellicht omdat het in mijn bloed zit. Afgelopen week kreeg ik van mijn moeder, die trouw krantenknipsels stuurt, een kopie van een artikel over mijn overgrootvader: Klaas Hanje, de heit van âlde pake Kees, mijn opa.
Klaas Hanje was een zeer goed schaatser, hij heeft in dat ene jaar waarover het artikel gaat, veel en grote prijzen gewonnen, zowel geld als medailles*. De broers Neal en Kevin Marshall, Canadezen die tot een paar jaar geleden op wereldnivo schaatsten, zijn eveneens familie via mijn moeder; hun moeder is ook een Afke Hanje en een nicht van de mijne.

Nee, ik wil geen uitslagen horen vanuit Nederland want ik wil de wedstrijden nog zien zonder van te voren te weten wie gewonnen heeft. Maar internet is onverbiddelijk: de krantenkoppen op mijn google-homepage spraken over de verkeerde wissel van Sven en hoe hem dat het goud kostte. Ik was verbaasd: Sven een verkeerde wissel?
Heb de video's hierover opgezocht en zag als eerste die van Gerard, die de rest van de wedstrijd na zijn vergissing, heeft gehuild. Wat moet hij zich niet alleen misselijk van ellende, maar ook eenzaam hebben gevoeld. En dan natuurlijk de begrijpelijke woede en frustratie van Sven, nadat hij hoorde van zijn diskwalificatie en de oorzaak ervan.
Kunnen deze twee mannen samen verder?
Hoe dan ook: wat mij betreft gaat de platina plak voor sportiviteit en 'wow, wat ben je een groots mens' naar Sven, vanwege zijn uitspraak dat hij, als schaatser, de verantwoordelijkheid heeft voor wat hij in de wedstrijd doet; hij is degene op de baan die de uiteindelijke beslissing neemt.
Ik hoop dat de mensen in de voetbalwereld dit ter harte nemen! Ik heb het altijd al belachelijk gevonden hoe gemakkelijk een coach van een sportteam ontslagen lijkt te worden omdat de sporters geen doelpunten maken; zij zijn degenen die de bal, of die nou rond is of ovaal, over de lijn moeten krijgen.
We hebben geen televisie hier, wat erg prettig is omdat we via internet toch wel de programma's kunnen zien die we willen. Maar als ik deze wedstrijd live had gezien, had ik zeker op de bank zitten huilen.


Hieronder (delen uit) artikelen over mijn schaatsende familieleden.

*het hele artikel over Klaas Hanje is te lezen op www.frieslandzoalshetwas.nl/afbeeldingen/Winter(sport)/koartebaan.pdf


Schetsen uit het Noorden.

auteur: Pim Mulier

bron: W. Mulier, Wintersport. De Erven Loosjes, Haarlem [1893]

Pas is de winter in het land of de ‘Leeuwarder’ staat van onderen tot boven vol met hardrijderijen. Hardrijderijen op de korte baan zijn in Friesland een noodzakelijkheid. Panem et circenses! Al zijn de socialistische woelingen nog zoo ernstig, is er ijs, dan houden die berichten op en de hardrijderijen is het eenige waarover men hoort spreken. Hoe kan het ook anders? Welke prachtige wedstrijden, (die eene historische vermaardheid hebben weten te veroveren), gaf niet de Leeuwarder ijsclub? Om slechts te spreken van de groote hardrijderij van vrouwen op 1 en 2 Februari 1805 gehouden. De eereprijs was een Gouden oorijzer.

Ook Wybe de Vries, Hesseling, Entjes, Zijlstra, Veninga, Van der Schaaff, Visser, Hanje, Dekker en Arie van den Berg zijn eerste klasse hardrijders.

Naar mijn opinie (die ik gaarne voor beter geef), zijn in de laatste 40 jaren de volgende rijders in rangorde de snelste geweest. Eerst Hulbe v. Dijk, toen M. Castelein, daarna Okke v. d. Berg. Later Pieter Bruinsma, daarna Wybe de Vries.


muli004wint01ill89.gifEn nog steeds blijft het een open vraag of Wybe niet harder zou gereden hebben dan Klaas Hanje, als ze even oud zouden geweest zijn. Hanje, met z'n lichtrood haar en kranige figuur is een krachtige athletengestalte. K. Hanje en B. Dekker, (die Hanje in een 200 meter wedstrijd te Amsterdam overwon) zijn nu m. i. de hardste rijders. Het zou mij niet verwonderen als Hanje, evenals v.d. Berg, nog lange jaren prijzen zal winnen. Hij heeft een zeldzaam vasten streek.


Zoo'n ‘hurdrideri’ te Leeuwarden is iets, dat men moet meegemaakt hebben, om het Friesche volk te kunnen beoordeelen. Een dubbele baan is afgeschut, aan de uiteinden een paar kleine kleedhokjes. De politieagenten jagen de honden en de jongens van de baan en de touwen zijn weldra door een dichte, 3 dubbele rij van toeschouwers bezet. De trommelslager der schutterij geeft het sein ‘klaarmaken’, een paar helpers halen de kleeren der 2 eerste rijders van het eene einde der baan en deponeeren ze aan het uiteinde. Dan komt het afgaan. De 2 rijders, meestal in grauw blauw of lichtbruin baaien ondergoed, met witte beenen knoopen, komen aan de streep, na met onnoemelijke zorg de ‘reedens’ geprobeerd te hebben, en beginnen dan eerst een paar kleine cirkeltjes te rijden, dan poetsen ze de sneeuw van de schaatsen, krassen zich goed op de streep vast en beginnen elkander te begluren. Daar gaan ze af, doch de dikke figuur in de midden bromt iets als ‘ho’ en ze komen weer terug. Na elkaar een keer of wat geplaagd te hebben, jakkeren ze weg en de overslaande vlag geeft aan wie gewonnen heeft. Eindelijk, 's middags laat, is 't beslist. Bij de laatste ritten is het hoe langer hoe voller geworden. Dan ziet men nog eens voor de laatste maal het wilde geweldige schokken van Pieter Bruinsma's breede schouders, of het prachtige vaste klauwen van Hanje en dan schetteren de fanfares en onder de toonen der dichtomstuwde muziek, schuifelt een enorme menschenmassa stadwaarts. De optocht! Onder de eereboog door, toegejuicht door de menigte.


Op http://www.friesscheepvaartmuseum.nl/nl/zoeken-in-de-collectie/indeling/detail/start/2/trefwoord/Hoofdcategorie/IJssport/trefwoord/Trefwoorden/Heerenveen is een Hardrijderijlijst van IJsclub Thialf te Heerenveen te zien waarop namen van schaatsers - onder wie Klaas Hanje, met daarachter hun woonplaats, leeftijd, jaar waarin ze voor het eerst aan een wedstrijd meededen en aantal gewonnen prijzen.



Een deskundige spreekt in een artikel in Trouw van vandaag over Neurologische Kortsluiting bij Kemkers: "Neurologisch is het allemaal goed te verklaren dat het dinsdag mis ging bij schaatscoach Gerard Kemkers op de 10 kilometer. Kemkers was koud klaar met het analyseren, uitrekenen en opschrijven van de tijd van Sven Kramer's Zuid-Koreaanse concurrent Seung-Hoon Lee, toen hij zich alweer moest focussen op de baan. Hierdoor ontstond er een soort kortsluiting tussen beide hersenhelften. Het nadenken over de cijfers deed hij namelijk met de linker en het kijken met de rechter hersenhelft. ,,Daar is iets misgegaan'', opperde neuropsycholoog Erik Scherder van de Vrije Universiteit Amsterdam woensdag als een mogelijke verklaring. Volgens Scherder is het heel begrijpelijk dat Kemkers die vergissing heeft gemaakt. Mannen kunnen eenmaal niet goed meerdere dingen tegelijk doen."



Uit De Volkskrant, december 1995, interview Ingrid Paul, destijds coach van Neal Marshall.

Okay, eerlijk is eerlijk, dat Neal vorig jaar het wereldbeker-klassement op de 1500 won vóór Ritsma, dat was toch wel leuk.' Ingrid Paul die Neal Marshall de weg wijst langs de mondiale ijsbanen. Wereldkampioen alround zal hij niet worden, al vindt hij zelf dat je nooit never mag zeggen, maar op de mijl is hij stellig van plan grensverleggende prestaties te verrichten. Eind vorig seizoen klokte hij in Calgary 1.51,34, slechts vijfhonderdste boven het wereldrecord van Koss, en drie weken terug opende hij het nieuwe seizoen met 1.51,84. Of hij sneller had gekund? 'Ik maakte een fikse misslag, dus een perfecte race was het zeker niet.'

Bescheiden waren tot dan zijn prestaties en fraai de verhalen over zijn overgrootvader Klaas Hanje die als kortebaanschaatser in de winter van 1890/'91 een fortuin vergaarde. Bij de Prince George Speedskating Club, opgericht door moeder Afke Hanje die dertig jaar geleden uit Drachten emigreerde, mochten de broers Steve, Mike, Neal en Kevin de familietraditie voortzetten. Schaatsen deden de broertjes Marshall aanvankelijk op ijshockeybanen, aangezien de temperatuur in de Rockey Mountains 's winters niet uitnodigt langdurig op een buitenbaan te vertoeven. 'Daarom is shorttrack in Canada een veel grotere sport dan langebaanschaatsen.' Zes jaar terug zegde Marshall het rodeo-schaatsen niettemin vaarwel. 'Bij shorttrack kun je de beste zijn en toch niet winnen.' Soms komen de ervaringen van vroeger nog van pas, zoals vorige week in Berlijn waar hij op miraculeuze wijze na een slippertje op de been bleef. 'Bij shorttrack ontwikkel je geweldige reflexen en je leert er goeie bochten rijden.' Langebaanschaatsen is echter 'eerlijke competitie' en in Calgary lonkte bovendien de Olympic Oval, overblijfsel van de Winterspelen van 1988 en faam genietend als de snelste 400-meterbaan ter wereld. De nationale selectie kreeg Calgary als thuisbasis en in 1989 mocht Neal Marshall, getalenteerd stayer uit British Columbia, zich bij de nationale elite voegen. Als bewijs daarvan reed hij drie jaar later bij de Olympische Spelen in Albertville twee maal naar een 26ste plaats, op zowel de vijf als tien kilometer. Dat de mijl hem minder plezier schonk werd bevestigd met een 36ste eindklassering. Bijna vier jaar later is Neal Marshall echter een van de beste milers ter wereld. Een verklaring kan hij zelf niet bedenken. 'Het gebeurde gewoon.' Volgens trainster Ingrid Paul is het allemaal niet zo toevallig. Drie jaar terug werd zij benoemd tot coach van de Canadese allround-selectie, waarin zich de 23-jarige Neal Marshall bevond. Een groot talent, stelde ze vast, maar wel een die het jarenlang zonder een goed onderlegde schaatstrainer had moeten rooien. 'Wat ze deden kon je moeilijk topschaatsen noemen.' Paul: 'Om van iemand een goeie stayer te maken, dat kost tijd, jaren. Bij een talent van achttien heeft dat zin, maar bij Neal zag ik het nut er niet meer van in. Hij was al 23. Hij zal een redelijke vijf kilometer kunnen rijden, maar winnen nooit. Op de 1500 meter kun je sneller progressie boeken. En met het talent van Neal is de keus toch logisch.'

Uit Het Kontakt, lokale krant voor de Alblasserwaard e.o. http://www.hetkontakt.nl/vrije-tijd/8108/van-klaas-renes-tot-shani-davis.html
Klaas Hanje werd in 1891 de eerste Nederlandse allroundkampioen. Toen moesten er twee 500 meters en twee 1500 meters worden afgewerkt.”

De tijden moet Vermeulen opzoeken. “Zijn snelste 500 meter reed hij in 52.20 en als beste 1500 metertijd noteerde Hanje 3.28.80.

En zelfs staat Klaas Hanje genoemd op een website metSpeeed skating results from 1887 to date http://www.skateresults.com/skaters/klaas_hanje


Toen ik op internet naar een portret zocht van Klaas Hanje, vond ik foto van zijn zoon Kornelis, mijn pake Kees, die per abuis Klaas wordt genoemd in het volgende krantenartikel: http://www.doopsgezindjoure.nl/bestanden/KeesHanje100JC.pdf

donderdag 12 februari 2009

birthday boy - Tjerk!








Tjerk is 7 jaar geworden op 5 januari - en hij is inderdaad gegroeid: hij is nu 7 cm groter dan afgelopen zomer.

Tjerk wilde het liefst weer een fiets-stunt-feest voor zijn verjaardag, net als vorig jaar. Maar dat is hier lastig: hebben de kinderen die we uitnodigen, een fiets - in dit geval wel, realiseerden we ons later. En hoe zit het met verzekeringen enzo, dat gaat hier toch een rol spelen in het geval er iets gebeurt.
We hebben uiteindelijk gekozen voor een oer-Nederlands feestje, om te beginnen met de uitnodigingen. Daarop hadden we gezet hoelaat we de kinderen verwachtten, dat we spelletjes gingen doen en dat er na het pannenkoeken eten nog een verrassing zou zijn, en dat we de kinderen daarna thuis zouden brengen. Onze Nl vriendin H, die hier al jaren woont, zei dat dat laatste zeer ontwaarschijnlijk leek. De meeste ouders hier laten hun lieve kinderen pas bij een andere volwassene in de auto wanneer ze die al eens hebben meegemaakt op de weg. Daar lieten wij ons natuurlijk niet door afschrikken.
Alle ouders gingen weg - en ook dat is wel eens anders: vaak blijven de ouders op feestjes de hele tijd erbij (mijn zorg was dat ik dan ook hen nog zou moeten cateren, alsof ik niet al genoeg had aan een hand vol 1st graders).

We begonnen met het verstoppen van de kadootjes. Nadat Tjerk ze allemaal had gevonden maakte hij ze meteen open: erg ongebruikelijk hier. Meestal wachten de feestvarkens met het openmaken van de kadootjes tot na het feestje. Als gast krijg je dan na een tijdje een bedankkaartje voor het kado.
Daarna brachten we de cake binnen met zeven brandende kaarsjes en een brandende nummer 7 kaars. Een van de jongetjes zei 'Oh, birthday bread? I've never seen bread on a birthday before'. Ik vertelde hem dat het cake was, maar later bleek hij toch tegen z'n moeder gezegd te hebben dat hij verjaardagsbrood op het feestje had gegeten, net als een ander jongetje.
We hebben gezongen, Tjerk blies de kaarsjes uit en de kinderen versierden hun plakjes cake en smulden die lekker op.

Daarna spelletjes: natuurlijk spijkerpoepen en koekhappen zoals elk jaar op Tjerk's feestje, sjoelen (wie bedenkt de leukste Engelse naam hiervoor?), en zaklopen. Vervolgens hebben ze allemaal een beker versierd met speciale keramiek-verf. Toen volgde een piraten-speurtocht waarbij de piraten schatten (kleine kadootjes) en aanwijzigen (letters) vonden. Het bijzondere van hier vind ik dat je hier zorgeloos een dag van tevoren dingen voor een speurtocht kunt verstoppen - de volgende dag ligt en hangt alles er nog gewoon. Heerlijk om in een wijk te wonen waar geen vernielingen en ander geklooi is.
Toen de kinderen weer thuis waren moesten ze van de letters een woord maken: pancakes. We gingen inderdaad pannenkoeken eten en zelfs de manier waarop kinderen dat doen blijkt verschillend: een van de gasten goot* wat stroop op z'n bord en doopte z'n opgerolde pannenkoek daarin, als een frietje in de mayo.
(*Tjerk noemt de Amerikaanse stroop 'water': het is zeer vloeibaar en helemaal niet lekker. Volgens ons allemaal).
Een ander hoogtepunt van het feestje was het laatste onderdeel: de pinata. Tjerk had een prachtige Spiderman pinata uitgezocht bij de 'spaanse' winkel om de hoek. Al sinds we voor het eerst in de latino-winkel naast ons appartementengebouw in Mountain View waren, heeft Tjerk gezegd dat hij een pinata op zijn verjaardag wilde. En het was erg leuk!
Uiteindelijk werd een van de jongens opgehaald, Erwin heeft de ander weggebracht in de fietskar (eens een Hollander...), J woont schuin tegenover ons en is door Tjerk naar huis gebracht en de ouders van C kwamen bij ons lunchen.

Op school hier gaat het totaal anders dan in Nederland. Toen Tjerk op maandagochtend 5 januari naar het lokaal liep, stopte hij bij de juf om te zeggen dat hij die dag jarig was. Oh, zei ze, wat leuk, gefeliciteerd.
Hij heeft getrakteerd op dropveters, later in de week (met dank aan pake en beppe). En dat was het dan.

Inmiddels is Tjerk twee voortanden kwijt en heeft 'ie een soort Beatle-kapsel, waarvan ik al twee weken de pony zal bijknippen ('bijknippen?!'). Een van de voortanden zat heel erg los. Op een dag kwam 'ie binnen, hand voor z'n mond en een beetje jammerend - ik vroeg of 'ie nou niet eens een keer rustig met Hidde - en toen liet 'ie zien dat er een tand uit was. Erwin was fietsen, ik riep tegen Hidde dat hij de overbuurvrouw moest halen die yoga- en zwemles geeft aan kinderen dus ongetwijfeld een kinder-EHBO diploma heeft, en ging ondertussen op zoek naar iets kouds, de telefoon, en de nummers van huisarts en tandarts. Welke tand het was? Niet die losse natuurlijk, maar die er naast.
Tjerk had gerend, was gestruikeld en op z'n mond gevallen.
De schrik was gelukkig snel voorbij - de buurvrouw is erg cool en leuk, dat helpt ook. Volgens de buurman had Tjerk min of meer trots het gat in zijn mond en de tand laten zien.
Naar de tandarts geweest, niks aan de hand, ook met z'n grote-mensen-tanden alles in orde.

zaterdag 6 december 2008

Sinterklaas

Ook hier in Menlo Park kijken we elke avond het Sinterklaasjournaal. We zijn wat later begonnen en hebben dus een paar afleveringen moeten inhalen, wat geen probleem was; de jongens vonden het helemaal niet erg om twee of drie afleveringen per keer te kijken.
Het is wel spannend zeg, met die rode ballonnen en de vermiste stoomboot, die gelukkig weer terecht lijkt te zijn. Nu die ballonnen nog voor het feestje van Sinterklaas.

En wat er nu is gebeurd: we vonden twee rode ballonnen in onze tuin, gisterochtend, 30 november. Tussen de bloeiende struiken, onder de palmboom! Ongelofelijk!
We waren blij dat ze in ónze tuin terecht gekomen waren en niet bij andere kinderen, want wij wisten natuurlijk wat we ermee moesten doen. En dat hebben we ’s avonds gedaan. Na het eten, in de pyjama hebben de jongens hun schoen gezet bij de open haard. Worteltjes erin en de rode ballon, en daarna liedjes zingen: Sinterklaas rydt op syn hynder; Sinterklaas kapoentje... en een zelfgemaakt liedje over Sinterklaas ging uit eten, als variant op Zwarte Piet ging uit fietsen / Swarte Pyt gong út fytsen.

Vanochtend, maandag 1 december, sliepen de jongens wat langer, waarschijnlijk omdat het door de mist wat donkerder was in hun kamer. Op een gegeven moment hoorde ik Hidde scharrelen en zachtjes in zichzelf pratend liep hij naar de open haard: ‘Ja, in kadootsje! En pipernuten!’ Tjerk lag nog wakker te worden. Ik ging naar hem toe en vroeg wat Hidde toch steeds zei. ‘Kadootsje’, zei Tjerk. ‘Wêrom seit er dat dan?’ Tjerk’s ogen werden groot en helder, ‘Oooh!’ en hij sprong uit bed (niet letterlijk, hij slaapt bovenin het stapelbed). Hidde kwam er alweer aan om te vertellen dat ‘Pyt hat ek noch letters struit’: er lagen inderdaad een H en een T van pepernoten en een hartje. Die Piet, precisiestrooien heet dat volgens mevrouw Blok (zoals de jongens haar consequent noemen). En: de rode ballonnen waren weg!
En ja hoor, er was ook een gedicht bij.
De Ballonnenpiet was blij dat hij weer twee rode ballonnen terug had en had iets voor ons allevier: een hele mooie grote chocolade-S, versierd met krulletjes en een marsepeinen afbeelding van de goedheiligman zelf.
Verder schreef hij:
En Tjerk en Hidde ik wilde in jullie schoen
ook nog een aardigheidje doen,
maar de Inpakpiet die was zó moe,
die ging vroeg naar zijn bedje toe.
Maar een kado moet een verrassing zijn
ook al is het maar klein.
Dus pas straks vinden jullie je presentjes,
voor Tjerk en Hidde, twee aardige ventjes! - met de groeten van de Ballonnenpiet.

En inderdaad vonden ze in hun sokkenmandje – ik vroeg me al af wie de sokken toch door de kamer had gegooid – elk een Cars-kadootje: een white boardje voor Tjerk, met een magneetje aan het bordje en aan de pen. Die heeft hij van de koelkast gehaald om op school te laten zien. Voor Hidde was er klein beursje met ook een plaatje van Lightning McQueen erop.

Het is raar om met het sinterklaasfeest bezig te zijn nu het nog zo zonnig is en soms zelfs uitgesproken warm. Gister ben ik wezen zwemmen (he? Ja, er is hier alleen maar een buitenbad, dat blijft de hele winter open voor zwemles en baantjes) en zijn de jongens naar een playground geweest, met speeltoestellen, zand en een grasveld waar je kan overschieten met een vliegtuigje of met een bal. Korte broek en t-shirt.
Elke dag het Sinterklaasjournaal kijken helpt wel om in de stemming te komen, net als de aftelkalender en natuurlijk de vondst van de rode ballonnen en de pakjes en het gedicht van vanochtend.

Als het goed is komt Sinterklaas zaterdag 6 december in Amerika. Een dag later, omdat het natuurlijk een flinke reis is. We gaan in ieder geval naar een bevriend gezin, met hun eveneens Nederlandse buren die ook twee kinderen hebben. En dan maar zingen en hopen dat er op de deur wordt geklopt, hard geklopt, hard geklopt...

Sinterklaas is de tijd van geheimzinnigheid, opwinding en wensenlijstjes. Vanochtend, op zaterdag 6 december, de dag waarop Sinterklaas, of zoals Hidde zegt ‘Sint Nicolaas’, in Amerika en misschien ook wel andere landen aankomt om de Nederlandse kinderen te verwennen, op de ochtend dus van deze dag vonden Tjerk en Hidde een paar rode pantoffels onder het bed. Ze dachten dat die van Erwin waren omdat ze zo groot leken. Daarna vonden ze elk een klein pakje op hun ondergoedstapeltje, Lego en K’nex. Nog later vonden ze een pakje met Hidde’s naam er op, waar Cars-pantoffeltjes voor hem in zaten, en een heleboel pepernoten en snoepjes. Het gedicht hadden ze laten liggen.
Dat las ik pas een uur later met hen en daaruit werd duidelijk dat die rode pantoffels voor Tjerk bedoeld waren: de PantoffelPiet had ze vast onder het bed - gezet.
Nadat de jongens de kadootjes in hun kast hadden gevonden, hadden ze de smaak te pakken gekregen en gingen ze het hele huis door, keken achter alle deuren en (bijna, gelukkig!) overal onder. Zo kwamen ze aan met een pakje zonder naam (ja, dat klopt, die is alvast voor Hidde’s verjaardag) en vonden ze een hele grote juten postzak ‘vól kadootjes!!!’. Die hadden Sint en Piet hier waarschijnlijk alvast neergezet omdat ze niet wisten of we hier thuis of in Mountain View zouden zijn, zei Erwin. Ze vonden dat een heel logische verklaring en gingen gewoon weer iets anders doen.
Het is toch ongelofelijk: als je ze ernaar zou vragen zouden ze hun eigen neus niet kunnen vinden en op de momenten waarop je rekent op dat onvermogen om te zoeken, en te vinden, gaan ze ineens zoeken als een moeder (die altijd alles kan vinden, gewoon door achter zich te kijken, bijvoorbeeld).
Ze zitten nu lekker buiten op een picknick kleed onder de patio te spelen met hun nieuwe HotWheels en de Lego en de K’nex. In korte broek en t-shirt en met hun nieuwe pantoffels aan. Ik ga ook de zon in, het is buiten veel warmer dan binnen.

We hebben een heerlijk avondje gehad. Terwijl de grote mensen de Indische gerechten afmaakten keken de kinderen naar een dvd van Sinterklaas bij Sesamstraat. Lekker gegeten – behalve de kinderen die veel te opgewonden waren. Toen de borden bijna leeg waren werd er op de deur geklopt, hard geklopt, hard geklopt, en werden er handen vol pepernoten naar binnen gestrooid. Consternatie. ‘Piet!’ ‘Sinterklaas!’ ‘Waar is ‘ie?!’ Iedereen naar buiten –waar was Erwin eigenlijk?- en zagen we daar nou iemand weglopen? In de tuin kijken en daar was geen Piet maar er stonden wel drie zakken met kadootjes.
Eerst de kinderen en daarna wij. Wat een feest!
Ik kreeg onder andere een boek van David Sedaris, een Amerikaanse schrijver die een tijdje in NL heeft gewoond en een geweldig grappig verhaaltje over het sinterklaasfeest heeft geschreven: Six to eight black men. Te beluisteren op http://www.youtube.com/watch?v=ZdCA_Q_5n4w. We hebben enorm gelachen om deze hilarische Amerikaanse interpretatie van Neerlands populairste traditie.

En een dag later vertelde Tjerk wat hij graag voor kerst zou willen hebben.... Moeten we nou ook nog sokken ophangen aan de schoorsteenmantel?

maandag 28 april 2008

koninginnedag

Ook wij hebben hier Koninginnedag gevierd, op zondag 28 april. De avond daarvoor ben ik nog met de jongens naar de winkel geweest voor oranje en rood-wit-blauwe versierspullen. Maar waar vind ik crepe-papier, en hoe heet dat eigenlijk in het Engels? Gelukkig vond ik oranje inpakpapier, twee oranje leeuwen-gietertjes die aan het stuur konden hangen en rood-wit-blauwe rietjes. Die heb ik in stukjes geknipt en om de spaken gedaan, zodat je de jongens niet alleen van verre aan zag komen fietsen, maar ook hoorde. Tjerk met een oranje en Hidde met een rode lange-korte broek en beide hun Heerenveense voetbalshirts. Grappig is dat ze meteen werden aangesproken door een vrouw die ondanks dat ze hier al –tig jaar woont, nog prachtig Frysk sprak! Een genot om met haar te praten, vond ik.
Veel in-crowd cq een hoog ons-kent-ons gehalte: vrijwel iedereen die er was had hun kind(eren) op de Dutch School. Ik kan me dat wel voorstellen als je een echte ex-pat bent en dus met je gezin al in een ander land had gewoond voordat je hier kwam en na twee of drie jaar naar bijvoorbeeld China gaat. Dan is een Nederlandse school voor je kinderen natuurlijk wel een hele goede manier om hun taal te leren lezen en schrijven en bij te houden. De Dutch School geeft ook Nederlandse aardrijkskunde en geschiedenis, dus alles wat de kinderen die gewoon in Nederland naar school gaan, automatisch leren omdat het in de lessen en in het dagelijks leven verweven is.
Zo af en toe ging ik eens bij wat mensen staan of raakte met iemand in gesprek. Toen ik een vrouw hoorde vertellen dat ze een andere Nederlandse had aangeraden om vanuit de East Bay-area aan de overkant van de baai, naar the Peninsula te verhuizen – het gebied waar wij wonen, waar Silicon Valley is – omdat het hier veel gezelliger is omdat hier meer Nederlanders zijn, kreeg ik mijn twijfels of ik wel op de juiste plaats was.
Natuurlijk vind ik het heerlijk dat ik in januari twee Nederlandse gezinnen heb leren kennen die ik van alles kan vragen en waar ik heerlijk mee kan kletsen. Het is fijn om af en toe met een andere nuchtere Nederlander het vreemde Amerikaanse leven te bekijken en erover te filosoferen. Maar ik wil ook graag Amerikanen leren kennen, en andere mensen die hier wonen. Als ik zo graag in het Nederlandse clubje had gezeten, had ik ook in Werkhoven kunnen blijven wonen, bij wijze van spreken.

In het park met picnic-tafels en bbq’s hadden zelfs een paar families een kleedje neergelegd met spelletjes, boeken en hier en daar wat huishoudelijke apparaten te koop. Ook wij hebben een paar dingen gekocht zoals een waterzuiveraar (het water hier smaakt naar chloor) en een boekje met leuke uitstapjes voor kinderen in de Bay Area. Het springkussen was een groot succes, de kinderen deden vol enthousiasme Nederlandse spelletjes zoals koekhappen en spijkerpoepen en ze waren gebiologeerd door de goochelaar. Hij deed echt coole trucs, man! En aan het eind toverde hij een schattig klein wit konijntje uit z’n hoed. Hidde stond op, liep naar voren met z’n handje in de lucht naar het konijntje gericht, om het te aaien. De goochelaar zette Hidde op de stoel naast hem en de hoed met het konijntje er in op Hidde’s schoot. Daarna zei hij tegen de kinderen dat degene die het diertje wilde aaien, in de rij moesten gaan staan. Ik heb Hidde zelden zo blij-gelukkig-tevreden gezien!
Inmiddels was Tjerk tijdens de goochelshow weer naar het springkussen gegaan en een paar grotere jongens die zich daar ook weer vermaakten hadden bedacht dat het leuk zou zijn om bellenblaas op het springkussen te doen. En dat was hartstikke leuk! Lekker glad en lekker veel bubbels. Tjerk genoot van de stunts die hij kon doen.

Al met al was ’t best een leuke dag. De jongens hebben nog een tijdje op hun versierde fiets rondgereden, met lange oranje slingers aan hun helm, alsof het vlammen zijn, zó snel gaan ze! Want eigenlijk zijn hun fietsen natuurlijk stunters met veel lawaai en motorgeronk.

We hebben hier altijd veel bekijks, zeker Hidde die ‘al’ zonder zijwieltjes fietst. Ze hadden ‘m eens op zijn motor (houten loopfiets) moeten zien, hoe waanzinnig snel hij daarop racete! Ik weet zeker dat ze mij erop aangesproken zouden hebben – of ik wel wist hoe gevaarlijk dat was?! Een moeder met twee jonge kinderen die zelf fietsen zie je hier weinig. Gelukkig vinden de meesten het wel erg leuk en krijgen we vooral aardige en soms zelfs bewonderende opmerkingen. In de wijk waar wij wonen zijn relatief veel fietsers en hier zien we ook anderen met fietskarren en aanhangfietsjes, en af en toe een kindje van de leeftijd van onze jongens op een eigen fietsje.